De waarheid over Shiba Inus

Dit is Jaro. Jaro is een Shiba Inu. Wanneer we over straat lopen, word ik elke vijfenhalve minuut aangesproken. (record op #picnicthestreet: om de anderhalve minuut) Of hij een vos is. Of hij nog groter wordt. Of hij braaf is. Dat hij écht wel op een vos lijkt, mag ik er eens aankomen, en nog zacht ook, precies een knuffel, ik wil er ook zo één.

Dat denk je. Je ziet een geweldig mooie (het mag gezegd), schuchtere en toch dartele hond. Tuurlijk wil je die ook wel. En hij kan pootje geven. Als hij iets ziet dat hij wilt, tenminste. Als jij niks vasthoudt dat hem interesseert, mag je op je hoofd gaan staan.

Want dit is de waarheid achter de Shiba Inu: hij is koppig, onafhankelijk en zou zijn jagersinstinct nog van een klif volgen eerder dan naar jouw geroep te luisteren. En hij is zo dominant als de pest. Eigenlijk vat deze hilarische blogpost het allemaal perfect samen: Shibas springen weg als je in de buurt komt, zouden een put graven in een bloempot en hebben voortdurend nieuwe prikkels nodig. Ze zijn onafhankelijk en stressgevoelig. Zo heeft Jaro al meermaals de trein, de straat en de tapijten van gastheren en -vrouwen ondergekotst.

Een Shiba opvoeden is dus een ondankbare taak. Hij lijkt je alleen nodig te hebben om mee te gaan wandelen, maar heeft op dat moment lak aan het feit dat jij aan het andere eind van de leiband hangt. Het liefst van al zou hij je omver trekken. Wat met mijn wankele knie niet eens zo heel moeilijk is. Ik probeer de dingen op zijn Cesar Millans aan te pakken, maar meestal zonder succes. Te weinig baard, denk ik.

En toch zou ik Jaro niet kunnen missen. Hij is precies wat ik nodig heb; hij daagt me uit en brengt me in contact met mensen die ik anders gewoon voorbij zou lopen. Ik ben niet zo goed in contact leggen, maar Jaro maakt dat heel gemakkelijk voor me. Ook laat hij me niet toe om te zwelgen in knuffeligheid. Een hond met een aanhankelijk karakter zou ik doodknijpen. Jaro geeft me die kans amper, en dat is een goede zaak. En wanneer hij te koppig is en ik hem kotsbeu ben, neem ik hem gewoon mee naar buiten. Want elke keer dat iemand zegt dat hij zooo’n mooie hond is, wipt mijn moederhart haast uit haar kas van trots.

This entry was posted in Echt gebeurd and tagged , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>