De man met de buil 16

Voor de voeten van moeder sportschoen ligt iets te blinken. Een revolver. Linda’s revolver. Linda zelf komt met haar broek half over haar kont het hokje uit getrippeld. Dat komt ervan als je broek te strak is: dan floept er van alles uit. Na de revolver, die blijkbaar een ongelukkige uitschuiver maakte en zo buiten het hokje belandde, floept ook een fluoroze string bijna de vrije wereld in wanneer ze zich voorzichtig bukt op de revolver op te rapen.

Nog voor ze volledig rechtstaat, begint ze mijn richting uit te lopen, haar blik op de grond gericht. De schok waarmee ik haar onderdanige, kruiperige lichaamstaal herken, hypnotiseert me bijna. Het lijkt wel of ik naar mezelf kijk. Op exact die manier heb ik me drieƫndertig jaar lang door het leven bewogen. In mijn geval trok niet een roze string de aandacht, maar een roze buil. Dat is bijna hetzelfde. Alleen is die buil op zijn minst honderd keer minder sexy.

Omdat ik geen tijd heb voor zelfmedelijden, raap ik mezelf bij mekaar en loop samen met Linda zo onopvallend mogelijk naar de auto. Als Benny nog steeds even gehaast is, geraken we hier zonder probleem weg. Dat is echter buiten moeder gerekend. Met een witte, plastic vuilbak als een schild voor zich uit stormt ze naar buiten.
“Ils ont un pistolet!”
Ik wist dat we in WalloniĆ« waren, maar ben even in de war. Ik kan het Linda dan ook niet kwalijk nemen dat ze verbaasd naar haar handen kijkt. Pas wanneer de vrouw er, wild met de vuilbak zwaaiend, “Ils vont nous tuer!” aan toevoegt, begrijp ik hoe laat het is.

This entry was posted in Fictie. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>